kensmil1
kensmil1a
kensmil1a1
kensmil
item6
item4
item5
burolwd
item2

Ingang Fries Museum

Turfmarkt 11, 8911 KS Leeuwarden

Tel: 058 - 255 55 05

Open: di t/m zo van 11.00 - 17.00 uur

item8
item7
item9

Natasja Kensmil

Melodia de Jeremia

26 oktober t/m 8 december 2002

Manwijven met machinegeweren en onschuldig ogende feeksen die zich lui in het beeld nestelen als sexmachines, zijn niet zelden de hoofdact in de tekeningen van Natasja Kensmil. Zij treden op voor een publiek van media-personalities, soldaten, grijze mannen-in-pak en idolen. In haar tekeningen komen sex, geweld en verderf veelvuldig voor. Natasja Kensmil (1973) geeft haar interpretatie van de wereld om haar heen en die stemt niet erg vrolijk. Haar werk gaat vaak terug op oeroude verhalen. In Buro Leeuwarden waren de nieuwste tekeningen te zien.

De tekeningen van Kensmil zijn schokkend, uitdagend en raadselachtig. Op één ervan ligt een vrouw met een donkere huidskleur tussen een groot aantal marionetten die allemaal op ‘Pinoccio’ lijken. De poppen steken hun buitengewoon lange neuzen overal in, zelfs in de intieme holtes van de vrouw. Ze blijken minder onschuldig dan ze eruit zien. In een ander werk, ‘Wolfhage’ zijn mannen met lang donker haar rondom een ster met een wolfskop gegroepeerd. Tegenover de hechte kring van mannen staan verspreid over de tekening enkele mannen en vrouwen alleen. Zij weeklagen. Hun tranen vormen een beekje.

Een geheel andere invalshoek biedt een tekening van een eiland met daaromheen de gezichten van vaag bekende figuren uit krant of tijdschrift. Ergens staat het woord ‘Okinawa’ geschreven en ’13 april’. Op het eiland Okinawa in de Grote Oceaan werd één van de zwaarste gevechten uit de tweede wereldoorlog gevoerd. ‘Okinawa’ is ook de naam van een oorlogsschip dat in 1967 naar Vietnam werd gestuurd. Op 13 april werd het schip opgeroepen om de overlevenden van een Panamees schip op te pikken. Uit de monden van de mannen en vrouwen op deze tekening golft een onbestemde massa, waarvan de structuur onduidelijk is. Ze willen iets zeggen, maar wat?

Natasja Kensmil gaf de tentoonstelling de titel: ‘Melodia de Jeremia’. Jeremias is de profeet uit het Oude Testament die in de 7de eeuw voor Christus in Juda leefde. Hij kreeg de opdracht van God om het volk van Juda te waarschuwen voor de ondergang. Zij hadden het geloof in Jahweh afgezworen en daarvoor in de plaats was een scala aan afgoden en idolen gekomen. Bovendien offerden ze kinderen aan hun idolen, waren ze corrupt en leefden ze er liederlijk op los. Jeremias hield niet op met het proclameren van allerlei onheilsprofetieën, maar het volk wilde niet luisteren en ondertussen werd Jeremias steeds weer gevangen gezet of verjaagd. Want door zijn gejeremieer joeg Jeremias alle partijen tegen zich in het harnas, temeer daar zijn profetieën nooit uit leken te komen. Toen Israël uiteindelijk toch door de Babylonische koning werd overmeesterd, bleef Jeremias weeklagend achter in een verwoeste en verlaten stad. Uiteindelijk was zijn profetie uitgekomen en was de samenleving vernietigd door de zonden van het volk.

De verwijzing in de titel naar de bijbel zegt iets over de achtergrond van Natasja Kensmil. Zij groeide op met Bijbelse vertellingen, die haar als kind alleen maar angst aanjoegen. Nu blijkt het een bron van inspiratie voor haar werk en voor de interpretatie van de wereld. Maar Kensmil haalt haar onderwerpen niet slechts uit de Bijbel, ook de natuurgodsdiensten, de kunstgeschiedenis en de eigentijdse maatschappelijke, sociale en politieke gebeurtenissen bieden volop inspiratie. In feite zijn haar voorstellingen niet wezenlijk anders dan die van bijbelse voorstellingen uit vroegere eeuwen. Kunstenaars uit de Renaissance schilderden ook bloederige taferelen, verkrachtingen en seksuele voorstellingen. Dikwijls lag hier de nadruk in de interpretatie op overwinning op de vijand, de schoonheid van de vrouw, of het lijden van een martelaar. In de Victoriaanse tijd ontstond de ‘femme fatale’ een ongenaakbaar vrouwelijk wezen, dat over een grote schoonheid beschikte. In feite gaven al deze schilderijen ook wereldbeelden weer, zoals Natasja Kensmil dat ook doet. Kensmil vertelde ooit in een gesprek met Dominic van den Boogerd: “[Ik verbaas me over] Hoe mensen de tijd doden, de chaos bezweren. Hoe moeilijk het is om een dag voorbij te laten gaan, alleen maar om ervan te genieten, zonder iets te doen. Daar kan ik me heel schuldig onder voelen. Drinken, genieten, luieren, opgaan in anonimiteit - alles wat lekker is, heeft iets destructiefs”(HP/De Tijd 27 april 2001).

De tekeningen van Natasja Kensmil ontstaan grotendeels spontaan. Ze begint weliswaar met een idee, maar tijdens het tekenen doemen er allerlei voorstellingen op uit haar geheugen. Dit zijn vaak heftige beelden die ze zich herinnert, of die ze heeft gezien in kranten, tijdschriften, boeken of films. Kensmil neemt ze ongecensureerd op in haar tekeningen. Een dergelijk ontstaansproces vraagt om een snelle manier van werken, want er is weinig ruimte om stil te staan bij mogelijke combinaties van beelden, vormen en structuren. Kensmil gebruikt voor haar tekeningen papier van de rol waar ze tamelijk slordige stukken vanaf snijdt. Om snel te kunnen werken, gebruikt ze houtskool. De stevige zwarte lijnen waarmee de tekeningen zijn opgezet en het basale materiaal, dragen bij aan de indruk van urgentie die de voorstellingen uitstralen. Hun bestaan is onvermijdelijk.

Natasja Kensmil volgde van 1996-1998 de Ateliers in Amsterdam. Zij kreeg in 1998 de Koninklijke subsidie voor de Vrije Schilderkunst.

1990-1992 De Vrije Tekenacademie
1992-1996 Gerrit Rietveld Academie, Amsterdam
1992-1996 Gerrit Rietveld Academie, Amsterdam
2002 ‘Lijn=vorm=inhoud’, Stadsgalerij Heerlen (groepsexpositie)
2002 ‘Orca’ De Praktijk, Amsterdam
2001 ‘She’European Art Center, Xiamen City, China (groepsexpositie)
2000 Rush Art Gallery, New York, USA
1999 De Praktijk, Amsterdam
1998 Koninklijke Subsidie voor de Vrije Schilderkunst,
Koninklijk Paleis,Amsterdam(groepsexpositie)

 

www.kensmil.nl

 

TA

 

 

WAS WAS